JE WILT EEN PROJECT LEIDEN (blog 518)

Veel grotere klussen die we beroepsmatig verrichten, kunnen we het beste omschrijven als een project. Een examen halen, een verhuizing regelen, de bruiloft van je schoonzuster organiseren of de aanbouw van een pand regelen, beschouwen we allemaal als een project. Ook de twaalf maanden reis om de wereld heet een project. Het zijn voor jou veel bekende zaken maar ook verrassende nieuwe. Daarnaast wordt vaak alles op ad hoc basis uitgevoerd en binnen een bepaald tijdsbestek. Het heeft meestal een eenmalig, uniek of tijdelijk karakter zodat er geen standaard draaiboek voor beschikbaar is. Er wordt een verzameling activiteiten gestart met een gedefinieerd product. Bijvoorbeeld een geslaagde bruiloft. Maar wat is de definitie van een geslaagde bruiloft? Als het project gereed is, wordt het projectteam opgeheven.

Eenmaal gestarte projecten hebben dikwijls de eigenschap onbeheersbaar te worden waardoor veel projecten mislukken. Het is belangrijk een vaste projectmethode te hanteren. Er bestaat een reeks van redenen waarom een eenmaal gestart project niet naar wens wordt volbracht.

De praktijk leert dat veel mislukkingen dezelfde oorzaken hebben:

  1. Er is onvoldoende nagedacht over de opzet en inhoud van het project. Met andere woorden een onhaalbare doelstelling (krijgt de aanbouwschuur een enkel- of dubbel steens wand?)
  2. Er bestaat onduidelijkheid wie nu eigenlijk de opdrachtgever is en aan wie er gerapporteerd wordt.
  3. Er is geen definiëring gemaakt wat nu precies het eindresultaat dient te zijn en er is onvoldoende vastgelegd wat het wel en niet is.
  4. De aanvangseisen en uitgangspunten veranderen steeds gedurende het verloop van het traject. Daardoor worden de opbrengsten niet gehaald en het kostenbudget dikwijls overschreden.
  5. We weten dat we 50 procent van het project wel aankunnen en we gaan er heel eenvoudig vanuit dat we ook de andere 50 procent kunnen behappen. We overschatten onszelf.
  6. Er is een ondoordachte en veel te optimistische planning van activiteiten gemaakt en een foute berekening van de resources.
  7. Er is in het tijdsbestek geen ruimte gelaten voor tegenvallers, zoals veranderende omstandigheden van binnen- of buitenaf.
  8. De voortgangscontrole wordt onvoldoende bewaakt. Hierdoor worden ontsporingen te laat opgemerkt en kunnen zodoende niet meer worden hersteld.
  9. Er zijn te weinig beslis- en meetpunten ingebouwd en als ze er zijn, worden ze vergeten of
  10. Er wordt niet voldoende prioriteit gegeven aan het project waardoor andere zaken voorgaan en het project de eindstreep niet op tijd haalt.
  11. Er is onvoldoende onderlinge communicatie van de deelnemers binnen het project.
  12. Er wordt verkeerd of helemaal niet uitgevoerd wat afgesproken was. Ook wordt veel te soepel omgegaan met meerwerk.
  13. Er is een gebrekkige  project controle die resulteert in een verlaat project of een product waarvan de kwaliteit niet aan de gewenst of vereiste kwaliteitseisen voldoet.
  14. Naast het gedefinieerde project spelen er andere werkzaamheden of projecten doorheen waardoor projectmedewerkers niet duidelijk specifiek met een traject bezig zijn en uren en kosten door elkaar lopen.
  15. Er wordt nauwelijks een urenadministratie bijgehouden, zodat ook op urenfacturatie grote verliezen geschreven moeten worden.

 

april 14th, 2021|Reacties uitgeschakeld voor JE WILT EEN PROJECT LEIDEN (blog 518)

KORTING GEVEN (blog 523)

Bij iedere handel, dus ook bij de verkoop aan particulieren, is het gebruik van kortingsaanbiedingen onvermijdelijk. De klant wil aanbiedingen. Nee, men wil lagere prijzen en wat voor excuses of namen jij daaraan geeft, interesseert hem niet. Als er maar een lagere prijs uit komt rollen. De hedendaagse klant is een koopjesjager. Vooral de vrouwen. Zij struinen het internet en lokale folders af op zoek naar aanbiedingen zodat zij kunnen vergelijken. Om te scoren moet je af en toe meedoen om klanten binnen te krijgen of om je concurrentie een stapje voor te zijn. Continuïteit is een groot gegeven en krijg je pas op termijn. Er zijn allerlei redenen te vinden om iets met de prijzen te doen. De opruiming kennen we allemaal maar die mag om wat met de prijzen te doen mogen wel onbestraft gebruikt worden. Je kunt de volgende redenen aangeven of verdedigen om iets creatiefs met je prijzen te doen:

  1. Korting speciaal voor seizoensgebonden acties.
  2. Korting bij grotere aantallen.
  3. Korting als je je activiteit, winkel of bureau geheel of gedeeltelijk beëindigt.
  4. Verbouwingskorting voor of tijdens een verbouwing en/of tijdelijke sluiting.
  5. De korting bij inruilen van een oud product bij het aankopen van een nieuw product.
  6. De korting bij het introduceren van een nieuw product of dienstverlening.
  7. De korting die je tijdens de uitverkoop aanbiedt.
  8. Tijdelijke korting. De korting die je op tijdelijke basis aanbiedt.
  9. De korting bij betaling aan de kassa. Eigenlijk voor alles maar vooral om van overtollige producten af te komen.
  10. De korting in de dienstverlening door afronden van een groot projectbedrag.
  11. De korting indien de factuur binnen een gegeven termijn betaald is.
  12. Een korting als dank aan vaste relaties.
  13. Een korting indien de omzet van een klant sterk is opgelopen.
  14. Welke gelegenheid mag je zelf bepalen of uitkiezen.
  15. Kortingen waarbij de oplopende aantallen in staffels van korting onderverdeeld zijn.
  16. Contante korting. Korting als er uitsluitend contant (eventueel zonder kwitantie) betaald wordt.
  17. Korting uitsluitend voor iemand die het product zelf afhaalt.
  18. Jubileumkorting (bestaat de zaak al 5 jaar?) etc.
april 14th, 2021|Reacties uitgeschakeld voor KORTING GEVEN (blog 523)

JE WILT GAAN INVESTEREN (blog 511)

Wat is investeren? Het is het op peil houden of uitbreiden van je kapitaalgoederenvoorraad. Met andere woorden: we kopen een auto, computer of een dure machine die jarenlang meegaat. Als we de versleten kapitaalgoederen vervangen door nieuwe, spreken we van een vervangingsinvestering. Wordt het aantal machines (of gebouwen) uitgebreid, dan spreken we van netto-investeringen. Op termijn zijn deze kapitaalgoederen een keer ‘op’. Ook na een periode van bijvoorbeeld 25 jaar zal een tractor aan het einde van zijn leven of versleten zijn. Hij is dan zo traag of ouderwets dat we beter een nieuwe kunnen kopen. Deze vervangingsinvestering voegt echter niets toe aan je totale productiecapaciteit.

Aanschaffingen of kosten voor je onderneming bestaan voornamelijk uit twee onderdelen. Investeringen op bedrijfsmiddelen en kosten op verbruiksgoederen. Investeringen zijn kosten voor artikelen die worden afgeschreven. Dat houdt in dat de aanschafprijs niet van de winst afgaat maar slechts een gedeelte daarvan. Een bedrijfspand wordt bijvoorbeeld over dertig jaar afgeschreven. Dat houdt in dat de boekingswaarde van het pand steeds één dertigste van de waarde minder wordt en na dertig jaar geheel is afgeschreven. Een machine wordt meestal in tien jaar afgeschreven en een pc in twee à drie jaar. Afgeschreven betekent dus dat alle kosten zijn verwerkt en het een boekwaarde heeft van nul euro, terwijl de machine of auto nog enige gebruikswaarde heeft!

Investeringen beïnvloeden de winst slechts in zeer beperkte mate. Alleen jaarlijkse afschrijvingen worden als kosten geboekt. Afschrijven gaat met door de belastingdienst opgestelde regels. Zo kun je gedurende de afschrijving de eenmaal gekozen afschrijvingsmethode niet meer wijzigen. Je mag niet ineens je afschrijving versnellen om bijvoorbeeld de hoge winst van dit jaar te verlagen.

  1. Aan kapitaalgoederen wordt een waarde toegekend die parallel afloopt met de leeftijd (net als bij de waarde van een auto). Dit noemen we afschrijven. Ook voorraden hebben een boekingswaarde. Bijvoorbeeld de grondstoffen of halffabricaten, die we in huis hebben, vertegenwoordigen een bepaalde waarde. Een kunstenares die tien schilderijen niet ingelijst op zolder heeft staan, bezit een stuk kapitaal dat alleen nog maar verkocht hoeft te worden. Gaan we over tot het kopen van minder dure goederen die in korte tijd verbruikt worden, dan spreken we van consumptiegoederen. Ook deze scheiden we weer in twee soorten.
  2. De niet-duurzame consumptiegoederen. Dit zijn goederen die maar eenmaal gebruikt worden, zoals brood, shampoo of water.
  3. De duurzame consumptiegoederen. Dit zijn veelal verbruiksgoederen die vaker door de consument gebruikt kunnen worden, zoals schoenen, magnetron, fiets of kleding.

Stel je bij het doen van een investering altijd vriendelijk op tegen de verkoper en begin nooit onmiddellijk over geld te praten. Het bedrijf of product dient interessant te zijn. Daarom ben je in geïnteresseerd en niet in een koopje. Win het vertrouwen maar houd het zakelijk. Je moet later met hem verder.

Wist je dat de inkoop belangrijker is dan de verkoop. Dat is een rare zin maar heel veel bedrijven besteden veel meer aandacht aan de verkoop waardoor de inkoop verwaarloosd wordt. Dat komt bij kleine bedrijven en starters nog veel vaker voor. Je moet zorgen dat je je spullen krijgt om aan te vangen met produceren. We kunnen er niet genoeg op hameren hoe belangrijk een goede inkoop is. Je kunt het geloven of niet maar in de inkoopwereld is het een vast gegeven dat we vijfmaal meer moeten verkopen dan dat we inkopen. Lees de volgende zin driemaal:

VOOR IEDERE EURO DIE WE BIJ DE INKOOP DUURDER UIT ZIJN MOETEN WE VOOR VIJF EURO EXTRA VERKOPEN.

 

april 14th, 2021|Reacties uitgeschakeld voor JE WILT GAAN INVESTEREN (blog 511)